Բարի գալուստ

1922 թուականին, 1915-ի Ցեղասպանութիւնը վերապրած եւ Պելճիքայի մէջ հաստատուած քանի մը հայ ընտանիքներ կը որոշեն կազմակերպչական կարգավիճակ մը ստեղծել, համակարգելու Հայ կեանքը եւ ապահովելու իրենց ինքնութեան պահպանումը՝ Պելճիքական հասարակութեան հետ ներդաշնակ ապրելու միտումով։ Այս թուականէն սկսեալ, չորս տարին անգամ մը ընտրուած ներկայացուցիչներու ժողով մը կը նշանակէ գործադիր կոմիտէ մը՝ Պելճիքահայութեան կոմիտէն։ Ավելին...

PERSBERICHT Brussel - 12 April 2019 - Op 24 april eerstkomend zal de Kamer van Volksvertegenwoordigers overgaan tot het stemmen van een wet waarbij negationistische uitspraken gestraft zullen  worden. Opmerkelijk wordt hierbij de genocide op de Armeniërs, Assyriërs en Pontische Grieken uitgesloten. Wij keuren uitdrukkelijk goed dat het principe van negationisme en aanzetting tot haat en geweld die ermee gepaard gaan, verboden wordt. Daarentegen keuren wij de formulering van de huidige tekst af.

 

Op 24 april wordt het wetsvoorstel gestemd. Dit is ook de dag waarop de volkerenmoord op de Armeniërs wereldwijd wordt herdacht. De Volksvertegenwoordigers hadden geen betere dag kunnen kiezen indien zij de nagedachtenis van de slachtoffers van de genocide van 1915 hadden willen beledigen.

Wij vragen dan ook alle politieke partijen die vertegenwoordigd zijn in het parlement om de tekst van de wet te wijzigen, om zodoende de ontkenning van de genocide van 1915 ook te omvatten. De partijen worden minstens uitgenodigd om zich de dag van de stemming uitdrukkelijk te verbinden de wet te veranderen indien deze toch op 24 april ongewijzigd gestemd wordt.

Het feit dat de Armeense genocide uit het toepassingsgebied van het wetsvoorstel uitgesloten wordt, beantwoordt aan de onrechtmatige verwachtingen van de Turkse regering. Het negationisme maakt gewoonlijk deel uit van uitspraken van minoritaire politieke machten die gevaarlijk zijn voor de democratie en de maatschappelijke vrede. Daartegenover maakt het ontkennen van de volkerenmoord van 1915 het onderwerp uit van de officiële stelling van de Turkse regering en van de meerderheid van de Turkse diaspora in België. Dit is des te meer schadelijk voor het algemeen belang en voor de maatschappelijke vrede.

Het Turkse negationisme laat toe geweld en haat te verzwijgen, aan te moedigen en te rechtvaardigen. De schadelijke gevolgen van dergelijke houding zijn nochtans reëel. De zeldzame Armeniërs die nog in Turkije aanwezig zijn en die zich publiekelijk uitspreken of al degenen die hen bijstaan, worden vermoord, met de dood bedreigd of geïntimideerd. De journalist Hrant Dink, die in 2007 vermoord werd, is hiervan het beste voorbeeld. Garo Paylan, de enige Armeense volksvertegenwoordiger van Turkije wordt bestendig bedreigd: juist en enkel omdat hij Armeniër is. Beiden zijn mensen van vrede, dialoog en waarheid.

De haat tegen de Armeniër wordt door de Turkse diplomaten, de Turkse media en door al de degene die onder hun invloed zijn in Europa verspreid. In Zweden moest de Voorzitter van het Verbond van de Turken, een door de Zweedse Staat gesubsidieerd organisatie, in 2017 ontslag nemen omdat hij “dood voor de Armeense honden” geroepen had in een redevoering op het centrum van Stockholm. Ook in België, ons land, heeft in Sint Joos-ten-Node een rel in 2007 onder de kreet “sla hem dood, het is een Armeniër!” geleid tot de vernieling van een restaurant . De autoriteiten hebben toen beslist geen vervolgingen in te spannen. De Armeense uitbater van het restaurant moest noodgedwongen de buurt verlaten en de zware financiële gevolgen van het gebeuren zelf dragen. Dergelijke incidenten worden door de bevoegde instanties voor de bestrijding van racisme niet in rekening genomen, noch in België noch in Europa.

Het wetsvoorstel is een omzetting van een Verordening van het Europees Parlement en van een Verdrag van de Europese Raad in het Belgisch recht. De beide Europese teksten laten de lidstaten toe de strafbaarheid van het negationisme te beperken tot de genociden en misdaden tegen de mensheid die alleen erkend werden door een Belgisch en/of een internationaal gerecht. Het wetsvoorstel zoals vooropgesteld beperkt de bestraffing tot het ontkennen van de genocides en de misdaden tegen de menselijkheid enkel indien zij uitgesproken worden door een internationaal gerecht. De genocide van 1915 zou door dergelijke gerechten niet zijn vastgesteld.

In 1998 heeft de Belgische Senaat de Armeense genocide van 1915 erkend. In 2015 werd dit door een stemming in de Kamer van Volksvertegenwoordigers en door de Eerste Minister Charles Michel nogmaals uitdrukkelijk bevestigd.

  • Het Armeense Comité van België
  • Culturele Centrum van het Mesopotamisch Volk 
  • De Assyrische Federatie van België 
  • De Syrische orthodoxe (Aramese) Federatie
  • De Griekse Pontische Associatie “Kamian ‘ k ‘ en Argos”

Contact: Nicolas Tavitian De president van het Armeense comité van België Tél.: 0495 77 08 67